Een van de beste verkochte boeken was dat, maar als een incident zich voordoet in Molenbeek dan is iedereen het belang van de kleur «grijs» vergeten. Een ernstig incident, één dat tot nu toe nooit gezien was (en hopelijk blijft het ook bij dat een incident), één dat we niet snel zullen vergeten, één waarvan we lessen moeten uittrekken.

Molenbeek moet een gemeente blijven waar iedereen welkom is, waar iedereen zich vrij en veilig moet kunnen bewegen op ieder uur van de dag. Het nieuwe college, samen met de administratie en talloze verenigingen en buurtbewoners, werkt heel hard mee aan het creëren van aangename, nette en veilige buurten.

Ik ben wel verbaasd door de wending van het debat: een jongeman wordt levensgevaarlijk beschoten, om 4 uur ‘s nachts, ergens in Molenbeek. En dan gaat iedereen op zoek naar de antwoorden op de “wie”, de “waarom”- vragen. En in deze zoektocht worden alle nuances uitgeveegd.

De “wie”, dat zijn maar de anderen, de allochtonen, de vreemdelingen, de “Marokkanen” of de Arabieren. Alleen: ook de Marokkanen die in Molenbeek wonen zijn het slachtoffer van geweld, onveiligheid, zien niet graag de sluikstorten liggen op de hoek van hun straat, en willen graag voor zichzelf en hun kinderen een betere stad en een betere toekomst. Trouwens, veel van onze medeburgers zijn hier geboren, even Brusselaar als de Vlaming uit de Westhoek die naar Brussel is gekomen op zoek naar iets beters.

Het “waarom”, dat is dan het mislukte integratiebeleid, het gebrek aan sociale controle, de straffeloosheid, de stadskankers, de camera’s die niet werken of de afwezige politie, … Ieder zijn theorie, ieder zijn oplossing: afschaffen van de gemeenten, één politiezone invoeren, meer grenzen stellen en zich minder tolerant opstellen. Ik zou haast geloven dat hier en daar machtige tovenaars zijn ontstaan die met een toverstaf op eenvoudige manier complexe problemen kunnen oplossen.

Wil dit zeggen dat geen oplossingen voor handen zijn? Neen, We kunnen degelijk iets veranderen. Door bijvoorbeeld te investeren in de aan hun lot achtergelaten stukjes van deze stad, zoals de buurt rond de Ninoofsepoort: een park, nieuwe woningen, collectieve infrastructuur en als van ons afhangt ook een museum. Dat kan allemaal, we kunnen deze soort uitdagingen wel aan. Het nieuwe duurzaam wijkcontract langs het kanaal zal voor een nieuwe dynamiek, nieuwe projecten en een duidelijke herwaardering van deze buurt zorg

Wat we lezen en horen de laatste dagen is dat Brussel vuil en onveilig is, een stad waar niks gebeurt, waar de politiek de andere kant opkijkt en de politie ook. Brussel is om van te houden of van te kotsen, Brussel wordt gehaat en geliefd tegelijkertijd, zoals een minnaar die ons doet lijden, maar die we ook niet willen/kunnen loslaten.

In al deze verklaringen mis ik wel de in de literatuur zo opwindende kleur grijs. Is Brussel om van te houden of te haten? Ergens tussen de twee; het is een stad met veel kansen, veel culturen en talen, veel dynamisme, een stad met een rijk verleden en een onzekere toekomst. Het is ook een stad waar de kloof tussen wie mee kan en wie achterblijft met de dag dieper wordt.

En is ons integratiebeleid goed gelukt? Voor sommigen wel, voor vele anderen niet. De overgrote meerderheid van onze immigranten zijn hier gekomen om te werken, te studeren, een beter leven op te bouwen. Veel van hen werken in onzekere omstandigheden, worden uitgebuit en zijn veroordeeld tot jobs die weinig anderen zouden willen doen. Maar als iemand in Molenbeek wordt beschoten, dan worden ze allemaal met de vinger gewezen, alsof ze de collectieve schuld moeten dragen voor een fout begaan door enkelen van hen en ook als tot nu toe geen enkele zekerheid over de identiteit van de daders bestaat.

En hoe zit met onze jongeren? Zijn ze allemaal engeltjes, allemaal slachtoffers van ons systeem, of toch boeven, die niks anders doen dan liegen, meisjes lastigvallen en het leven van de anderen zuur maken? Een kleine groep heeft en geeft problemen, de meerderheid heeft talenten in overschot, maar niet iedereen slaagt erin om deze talenten zichtbaar te maken, niet iedereen slaagt erin om deze talenten te erkennen. De gemeente investeert heel veel in haar jongeren: we luisteren naar hen, naar de oplossingen die ze zelf aanreiken, we begeleiden hen zodanig dat ze zelf zorg leren dragen voor hun buurt en hun medeburgers.

Kortom, ik woon graag hier, in Molenbeek, vooral al dat kleurrijk grijs. Omdat er veel goede dingen gebeuren, door inwoners, verenigingen, politici en politie. En ondanks de slechte dingen die gebeuren. Dit zijn geen fataliteiten: door een doordacht beleid, efficiënte investeringen in infrastructuur, openbare ruimte en lokale projecten, door permanent in dialoog te gaan met de inwoners en te rekenen op hun kunnen en kennen, zullen we al heel veel kunnen oplossen.

Ik woon hier graag omdat Molenbeek en Brussel van ons zijn en wij het verschil kunnen maken.

Annalisa Gadaleta is Groen Schepen in Sint-Jans-Molenbeek