Met betrekking tot bepaalde jongeren, kennen we blijkbaar maar één reactie: die van de agressieve hysterie. Maar over de strijd tegen armoede hoor je niemand.

Naar aanleiding van een 50-tal jongeren, die recent naar Syrië trokken, sloeg de hysterie weer toe: GAS-boetes moesten ingezet worden om jongeren te straffen, scholen moesten klikken en identiteitspapieren afgepakt. Sommigen vroegen zich hardop af of deze jongeren zich bij hun terugkeer wel zouden kunnen integreren in onze samenleving zonder zich ooit om hun integratie vóór hun vertrek bekommerd te hebbben. Anderen, de wanhoop nabij, konden maar niet begrijpen wat – in godsnaam – deze jongeren dreef.

Voor een goed begrip: het is belangrijk dat de vraag naar het hoe en het waarom van deze jongeren gesteld wordt, al zal het antwoord hierop nooit eenduidig zijn. De betrokken ouders hebben recht op begeleiding en ondersteuning en natuurlijk moet al het nodige gedaan worden om te voorkomen dat minderjarige jongeren in handen vallen van mensenronselaars. Maar, tussen al het politieke opbod, is het toch vooral de agressieve, bestraffende toon die blijft nazinderen.

Zelden tot nooit hoor je dergelijke razende, schuimbekkende toon wanneer het over de strijd tegen armoede – die vele kinderen en jongeren treft – gaat. Nochtans zijn we het er samen over eens dat dit een schending is van mensenrechten en een regelrechte inbreuk op de menselijke waardigheid. Zelden tot nooit ook hoor je een dergelijke harde toon wanneer het de strijd tegen discriminatie betreft. Vooral op de arbeidsmarkt moet dit ondertussen bijna de proporties van een rasecht apartheidsregime hebben aangenomen. Lik op stuk beleid? Ik dacht het niet En dit terwijl iedereen maar al te goed beseft dat het hebben van een fatsoenlijke job absoluut noodzakelijk is om een leven op te bouwen. Of wat gedacht van een verbeten engagement voor de bouw van voldoende en kwaliteitsvolle kinderopvang en scholen voor elk kind? Een gezonde woning? Ruimte voor sport en ontspanning?

Verschillende cijfers staan al decennialang op alarmniveau – en daarmee bedoel ik niet de terreurdreiging. De werkloosheidsgraad in bepaalde Brusselse wijken bedraagt meer dan 50%! Een op drie kinderen in Brussel groeit op in een gezin zonder inkomen uit werk. Bij eenoudergezinnen wordt dit zelfs zes op de tien. Hallucinante cijfers waar we van schrikken als het over Griekenland of Spanje gaat, maar die ons koud laten als het over onze kinderen en jongeren gaat.

Baanbrekend internationaal onderzoek toont aan dat landen waar de kloof tussen arm en rijk groot is of te groot wordt, gewelddadiger worden. Positief uitgedrukt, betekent dit dat landen met een rechtvaardigere verdeling van rijkdom op veel vlakken goed scoren. Vitaler zijn, zeg maar: schoolresultaten worden beter, sociale mobiliteit wordt groter, het aantal geweldplegingen daalt … Welnu, de inkomenskloof is het grootst in Brussel. Hoor ik iemand met de spierballen rollen? Een wet die de welvaart beter herverdeeld door bijvoorbeeld de grote vermogens een tikkeltje te belasten? Vijf minuten politieke moed om armoede en uitsluiting naar de geschiedenisboeken? Neen, doe toch maar een GAS-wetje die de leeftijd tot 14 jaar verlaagt compleet met plaatsverbod en al. Het is dan ook zo veel makkelijker om naar kinderen en jongeren uit te halen.

Een eeuwenoud Afrikaans spreekwoord zegt “it takes a village to raise a child”. Vrij vertaald, betekent dit: je hebt een gemeenschap nodig om een kind groot te brengen. Onze kinderen zijn onze toekomst. Alle kinderen, ongeacht hun huidskleur, sociaal-economische, etnisch-culturele of religieuze-ideologische achtergrond. Een groot deel van hen blijven uitsluiten en hen veroordelen tot een leven in armoede en uitzichtloosheid, is een boemerang die ooit in ons gezicht terugkeert. En dat is niet zo verwonderlijk. Het is gewoon gezond boerenverstand. Geen hogere wiskunde.

Het wordt dan ook meer dan tijd dat we gaan inzien dat het onze plicht is om ons om ál onze kinderen en jongeren te bekommeren. Met vastberadenheid en doortastendheid zeker, maar steeds met de bedoeling hen in onze samenleving op te nemen en alle kansen te geven waarop ze recht hebben. Rollen met spierballen en hardvochtige wetten horen daar niet bij. Een goede vader gebruikt de roede niet. Zullen daarmee álle problemen opgelost worden? Neen, hoogstwaarschijnlijk niet. Maar we leggen hiermee in ieder geval al een stevig fundament voor een stabiele en veerkrachtige samenleving.

Malika Abbad is voorzitter Groen Brussels Gewest.

Dit opiniestuk verscheen in Brussel Deze Week op 8 mei 2013. Je leest het hier: http://www.brusselnieuws.be/nl/nieuws/malika-abbad-over-agressieve-hysterie-tegenover-jongeren