De regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest heeft tijdens haar ministerraad van donderdag 18 november bedenkingen geuit bij de conclusies van de Vlaamse mobiliteitsstudie over de omvorming van de Brusselse ring.

De mobiliteitsstudie stelt voor om naast de verbreding van de ring ook een dubbeldeksring en een tunnel onder Brussel, die de E40 Gent en E40 Leuven met elkaar verbindt, als infrastructuuralternatieven te weerhouden. In de studie werd een voorstel gedaan om het verdere verloop van de MER (milieueffectenrapportage) te beperken tot het bestuderen van deze drie scenario’s, die steeds gecombineerd worden met een vast pakket van” modal shift-maatregelen” (rekeningrijden, beter openbaar vervoer, meer fietsverbindingen).

De Brusselse Regering vraagt ook andere combinaties van maatregelen verder te onderzoeken, waaronder een combinatie van rekeningrijden, extra openbaar vervoerverbindingen en fietsverbindingen zonder een verbreding van de ring.

De regering is wel tevreden met het voorgestelde pakket van “modal shift-maatregelen” maar stelt vragen bij de drie scenario’s. Het Brussels Gewest houdt er aan te benadrukken dat het scenario “dubbeldeksring” en het scenario “tunnelonder Brussel van E40 Gent tot E40 Leuven” geen realistische opties zijn voor het Brussels Gewest. Zo lijkt enkel een verbreding van de ring nog realistisch.

De Brussels regering wil niet dat dit het enige scenario is dat nog in de MER-studie wordt onderzocht.

Brussels Staatssecretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille: “Zoals de conclusies van deze ‘mobiliteitsstudie ’ nu geformuleerd zijn, is een MER niet meer nodig, de oplossing is al bekend. We dringen er op aan dat er ook scenario’s zonder bijkomende wegcapaciteit bestudeerd moeten worden, namelijk rekeningrijden, meer openbaar vervoer en meer fietsverbindingen. Er moet ook rekening gehouden worden met het mobiliteitsplan Iris 2 dat onlangs door de Brusselse regering werd aangenomen. Dat plan voorziet in een vermindering van de verkeersdruk met 20 procent tegen 2018”.

Brigitte Grouwels, Brussels minister van Vervoer: “In onze reactie zullen wij aan onze Vlaamse collega’s vragen om het studiewerk verder te verdiepen en nog meer de mogelijkheden van extra openbaar vervoer en intelligent wegbeheer te exploreren. In het verleden hebben onze administraties al goed samengewerkt en ik ben ervan overtuigd dat dit ook in de toekomst zo zal blijven. Er wordt alleszins binnenkort een nieuw overleg georganiseerd om de resultaten van bijkomende simulaties te bespreken die de impact nagaan van het Brussels parkeerbeleid en de Brusselse weghiërarchisering. De nodige afspraken zijn trouwens gemaakt om ook informatie uit te wisselen over Brusselse projecten die mogelijks een impact hebben op het verkeer op de Ring”.

Bovendien is het niet duidelijk of er rekening gehouden werd met de Brusselse en Europese wetgeving inzake milieu. Dit project lijkt geen rekening te houden met de Europese richtlijnen inzake fijn stof en C02-vermindering, waarvoor België steeds dichter bij een veroordeling door het Europese Hof komt te staan.

Brussels minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck: “Europa eist een duidelijke strategie van België om de situatie snel en krachtdadig aan te pakken. We kunnen niet aanvaarden dat door een stijging van het aantal afgelegde kilometers op de Brusselse ring de luchtkwaliteit voor de Brusselaars en de inwoners van de Rand nog achteruitgaat. Alleen als we onder gewesten samenwerken, kan België nog slagen en een veroordeling ontlopen. Op dit moment is het helemaal niet duidelijk hoe Vlaanderen hier in dit project rekening mee houdt”.

Tenslotte merkt de Brusselse regering op dat de effecten van het project ‘omvorming van de ring’ in zijn totaliteit moeten bestudeerd worden. Charles Picqué: “het is duidelijk dat dit project een bijzonder grote impact kan hebben op de volksgezondheid, het leefmilieu, de mobiliteit, de welvaart en het welzijn van de inwoners van het Brussels gewest. Wij dringen er dan ook op aan bij de Vlaamse administratie dat er geen keuzes gemaakt worden zonder rekening te houden met deze aspecten. De inwoners van het Brussels Gewest en rand hebben er alle belang bij dat deze studie zeer grondig gevoerd wordt en rekening houdt met de vragen en bezorgdheden van alle betrokken partijen”.

De Brusselse regering is ervan overtuigd dat het Vlaamse gewest begrip zal kunnen opbrengen voor haar bekommernissen en hoopt op een constructieve en nauwe samenwerking bij het verdere verloop van deze studie.